Waterplanten in het Oldambtmeer

Bij de aanleg van het Oldambtmeer was men bang dat de waterkwaliteit niet goed genoeg zou zijn. Het water waarmee het meer gevuld werd kwam namelijk van hoger gelegen (landbouw)gebieden en  bevatte veel fosfaten. Met speciale retentiebekkens werden de fosfaten uit het water gehaald, waardoor het water dat in het Oldambtmeer werd gepompt heel schoon en helder was.

De waterkwaliteit in het Oldambtmeer is een paar jaar lang uitzonderlijk goed geweest. Het behoorde volgens waterschap Hunze en Aas zelfs tot de schoonste wateren van Nederland! Op heel veel plekken in het meer kon je met gemak de bodem zien.

Dat mooie schone water had helaas ook een keerzijde. Doordat het water zo helder was kon ook het zonlicht de bodem bereiken. Dit zorgde ervoor dat waterplanten snel konden groeien. Met name smalle waterpest, aarvederkruid en enkele fonteinkruiden zorgden voor overlast, omdat ze (tot) aan de oppervlakte groeien. Bij de aanleg van het Oldambtmeer zijn enkele kweekvijvers aangelegd met kranswieren. Deze planten groeien laag op de bodem en zullen zich op termijn over de gehele meerbodem verspreiden. De kranswieren verdringen de andere waterplanten door middel van een gifstofje en geven geen overlast voor de scheepvaart, omdat ze maar 50 cm boven de bodem uit komen. Het zal echter een aantal jaren duren voordat de kranswieren de gehele bodem van het Oldambtmeer bedekken.

In de tussentijd laten de gemeente Oldambt, Blauwestad en het waterschap de watersporters niet aan hun lot over. Er wordt jaarlijks 225.000 euro uitgetrokken om het Oldambtmeer intensief te maaien met twee maaiverzamelboten. In het gebied met de meeste overlast is daarnaast een betonde vaargeul uitgezet die te allen tijde goed gemaaid zal zijn. Hierdoor kunnen boten zonder hinder van waterplanten het meer doorkruisen. In 2013 was dankzij de inzet van de maaiverzamelboten de overlast van de planten al een stuk minder.

Aan het begin van het vaarseizoen van 2014 was het water ineens troebel. Hierdoor groeiden de waterplanten een stuk langzamer dan voorgaande jaren. In juni en juli is een maaiverzamelboot in actie gekomen om de gebieden waar planten zichtbaar werden aan te pakken. Na deze eerste korte maaironde was het maaien echter niet meer nodig. De overlast van de waterplanten was voorbij. Er kon overal weer probleemloos gevaren worden. Uiteraard worden de maaiboten ook in 2015 weer stand-by gehouden voor het geval het water weer helderder wordt en de overlast van de waterplanten weer toeneemt.